Is er een relatie tussen wat we eten en onze emoties, hoe we ons voelen? Een Oosterse visie op lichaam en geest met Rick Vermuyten.


03-10-2016 -  by Kevin Van der Straeten

Comments

Meld je hier aan om te reageren 





Transcript

Is er een relatie tussen wat we eten en onze emoties, hoe we ons voelen? Een Oosterse visie op lichaam en geest met Rick Vermuyten.

 

Dag Rik, welkom terug in de studio.

 

Dag Kevin.

 

We hadden het vorige keer over macrobiotiek, hoe alles in evenwicht zit met Yin en Yang. Maar zo is er ook een relatie tussen wat we eten en onze emoties.

 

Ja, dat is dus eigenlijk een manier van kijken, die typisch holistisch is. In het Westen hebben wij alles opgesplitst en hebben wij dus altijd maar veranderingen gemaakt. In de zin van: almaar kleiner en kleiner, almaar meer en meer uiteen. Dus als je een ziekte hebt in uw lichaam, dan moet je naar een dokter. En is er iets in uw gevoelsleven, of is er iets in uw mind of in uw mentale activiteiten, dan moet je naar de psychiater. Dat is dus opgesplitst geraakt. Het Oosten heeft een holistische visie, die splitst dat niet op. Die zegt dus: we hebben een lichaam, maar in dat lichaam zitten allerlei organen en die hebben niet alleen fysieke kwaliteiten. Die hebben ook zintuiglijke kwaliteiten. Zo staat de lever in verband met het zicht. Zo staan de nieren in verband met het gehoor. Wat we in het Westen soms ook ontdekken. Want bijvoorbeeld mensen die eigenaardige oren hebben, die hebben dan vaak een afwijking in de nieren. Zo hebben we al ontdekt dat er relaties zijn. In het Oosten is dat vanzelfsprekend. En dus, alles orgaanparen die in het Oosten worden bekeken, dat zijn vijf paren, die hebben zintuiglijke kwaliteiten. Dus eerst fysieke, wat wij dan organen zouden noemen, zintuiglijke, dat zijn de zintuigen die erbij horen, dan zijn er natuurlijk allerlei gevoelens die daarbij horen en dan zijn er ook de mind-aspecten, de geestelijke aspecten die daarbij horen. Dat is een Oosterse benadering, die zegt dat alle niveaus van leven die met bewustzijn te maken hebben, die zijn ook gekoppeld aan hoe uw organen werken. Dus de link van emoties is een aspect van, ik zou zeggen: de emotionele aspecten van hoe de organen, in uw lichaam, al dan niet in evenwicht werken. En dus heb je bijvoorbeeld emoties, gevoelens, en die zijn in evenwicht, in balans. Maar je hebt ook emoties, waarvan je zou kunnen zeggen, die zijn dan veel te Yang en je hebt emoties, die veel te Yin zijn. Dat wil zeggen, dat is twee keer uit evenwicht. Ofwel door veel te veel contractie, Yange aspecten, ofwel door veel te veel ontspannende, uitzettende effecten, die u meer week maken, die u slap maken. Dat is nu de gevoelswereld. En ik ga een voorbeeld geven: bijvoorbeeld als je naar de nierfunctie kijkt, de nieren noemen we Yange-organen, het balancerende orgaan is de blaas. Dus die twee werken samen, als een Yin-Yangkoppel. En dan kijken we, wat zijn daar de evenwichtige, gevoelsmatige kenmerken van? Voor de nieren en de blaas is dat bijvoorbeeld: je hebt een goede kwaliteit om dingen te ondernemen. Om te durven. Je hebt genoeg moed. Als dat dan bijvoorbeeld te veel samengetrokken wordt, gestresseerd wordt, overdreven compact wordt, ... dat zijn mensen die risico's nemen. Dus die gaan voor bungeespringen. Honderd meter naar beneden, aan een touw, is dat dan tekort of te lang, dat weet je niet op voorhand. Maar dus, die durven dat. Die hebben dus extreme moed, extreme durf. Terwijl bijvoorbeeld, als uw nier- en blaasconditie te Yin geworden is, dan durf je juist niks. Dan heb je eigenlijk geen durf, dan durf je niet iets ondernemen. Dan durf je niks beginnen, dan aarzel je, dan stel je uit.

 

Dat zijn dan angsten.

 

Ja, en natuurlijk in het meest extreme wordt dat angst. Dan word je almaar banger. Terwijl het tegenovergestelde, dat is dus de meer Yinne conditie, terwijl de meer Yange, die neemt de hele tijd risico's. Die zit daar niet mee. Die gaat met plezier zeer snel rijden, die gaat met plezier allerlei risicovolle zaken ondernemen. Als dat dan mislukt, dat kan hem niet schelen, want hij heeft genoeg moed en durf om opnieuw te beginnen. Dat zijn dan bijvoorbeeld heel Yange zakenmensen, die failliet gaan, maar de volgende dag een nieuw bedrijf beginnen. Dat is meer een goede moed, een goede durf, maar te Yang wordt dan te veel risico's. En dan kan je dat niet meer inschatten. En zo heb je bijvoorbeeld het koppel van de lever en de galblaas. Wat geeft dat? Dat geeft bijvoorbeeld dat je, als dat goed werkt, als dat in balans is, dan heb je drijfkracht. Dan kan je streven. Niet extreem, maar je wilt vooruit, je wilt groeien, ontwikkelen. En je hebt geduld. Je kan makkelijk omgaan met de tijd. Dat is geduld hebben. Bijvoorbeeld bij een meer gespannen lever en galblaas, dan word je geïrriteerd, lastig en op de duur, als het nog Yanger wordt, extreem kwaad. Zie je? Woede.

 

Komt daar het spreekwoord, er ligt iets op uw lever, vandaan?

 

Ja, dat hebben wij in het Westen nog een beetje behouden. Dat zijn indicaties, zoals ik moet eens mijn gal spuwen. Want dat lucht wat op. Of: er ligt iets op mijn maag. Of iemand die altijd maar kwaad, almaar ongerust, lastig wordt, die heeft last van zijn lever. Er ligt iets op de lever. Alleen zijn wij die directe connectie in ons dagelijks bewustzijn een beetje verloren. Maar het bestaat nog steeds in de gezegdes. Dus voor dat één koppel, lever-galblaas, als dat dan extreem gestoord is, meer Yang, dat zijn dan mensen die pushy worden. Die duwen, die forceren graag. Iemand die natuurlijk een veel te Yinne lever- en galconditie heeft, die geraakt niet vooruit. Dus die heeft geen streven, die wil niet verder ontwikkelen. Die zegt: ik geef het op, ik kan het niet. Of die wordt zo zwak, dat die de hele tijd nerveus wordt en maar trilt, aarzelt en achteruit gaat. Dat wil zeggen, uiteindelijk worden die problemen almaar groter, naarmate die organen meer en meer uit functie geraken. Kijk je bijvoorbeeld naar het koppel hart en dunne darm, dus een Oosterse benadering, die kennen wij niet direct, hoewel het niet onlogisch is, want bijvoorbeeld, de dunne darm is heel belangrijk bij het maken van bloed en het hart pompt het natuurlijk rond. Als dat goed werkt, hebben wij een vanzelfsprekende, gevoelsmatige toestand. Die eigenlijk normaal is. Het hart is natuurlijk het centrum van ons lichaam, dat stroomt in alle richtingen en de normale toestand, als uw hart en dunne darm goed werken, is blijheid, vreugde. Wordt dat extreem, word je bijvoorbeeld hysterisch of ongelooflijk euforisch. Of je kan geen vreugde hebben. Dan is uw hartenergie week geworden, dan kan je die omhooggaande beweging, die u met het hart doet omhooggaan, dat gaat niet. Dan zakt dat in. Kijk bijvoorbeeld naar een ander koppel, dat is dan de milt en de maag, onze "wat ligt er op de maag", dat wil natuurlijk zeggen: als er iets op uw maag ligt, dat is te zwaar. Maar dat kan natuurlijk van inhoud iets te zwaar zijn, dan kijken we naar de mentale en de gevoelsmatige aspecten, maar dat wordt natuurlijk ook bevorderd als je zwaar eet. En zwaar eten is dan veel te veel eten. Of het kan ook zijn: veel te Yang eten, dat is ook zwaar. Dat wil bijvoorbeeld zeggen: veel te veel dierlijke producten, dan moet de maag veel meer zuren produceren, heeft uw maag meer tijd nodig en zo geraakt uw maag geleidelijk uit balans. Werken die organen heel goed, dan hebben we eigenlijk een goed zelfvertrouwen. Dan hebben we een goed empathievermogen met de anderen, dan heb je een comfortabel gevoel, dan zit je goed in uw lijf. Dat zijn milt- en maagaspecten. Wordt dat overdreven, krijg je bijvoorbeeld een meer gespannen milt, dan word je teveel in de mind, dan begin je te piekeren. En piekeren heeft dan met zorgelijkheid te maken en dan word je bijvoorbeeld heel makkelijk kritisch naar alles. En op den duur zelfs cynisch. Dan kan je weten: dat is een milt die helemaal verkrampt is geraakt, te Yang is geworden. Is dat te Yin geworden, dan heb je natuurlijk geen zelfvertrouwen. Dan onderschat je uzelf de hele tijd, dan oefen je zelfonderschatting. Dat is in dat koppel maag-milt. Dan hebben we nog het laatste koppel, dat zijn longen en dikke darm. Dat zijn eigenlijk ook reinigingsorganen, want je ademt uw adem van gassen uit, maar je moet natuurlijk ook zuurstof inademen. En de dikke darm brengt alle afvalmateriaal dat je gegeten en gedronken hebt, ook naar buiten. De normale gevoelsmatige capaciteit van die organen is fijngevoeligheid. Dat wil zeggen: je kan goed voelen, je kan goed iets naar binnen laten komen, dat gewaar worden en dat dan laten gaan. Loslaten zeggen wij in moderne termen. Is dat bijvoorbeeld helemaal te Yang geworden, dan word je ongevoelig. Dan kan je niet meer voelen, want dat is zodanig verhard, zodanig bijeengetrokken, dat een gevoel niet meer naar binnen kan. Dan kan je ook niet meer voelen wat iemand anders voelt. Dus je kan ook niet invoelen. Is dat bijvoorbeeld veel te week geworden, te Yin geworden, zoals we dan zeggen, dan word je overgevoelig. Dan zegt iemand een woord dat misschien niet eens zo bedoeld is, maar jij bent overmatig geraakt. Dus dat is overgevoeligheid. Zo zien we allerlei evenwichtige, gevoelsmatige toestanden, die met evenwicht van die organen samenhangen, en wanneer die dan uit de haak gaan, hebben we dan excessieve toestanden. Ofwel van overmatige sterkte, door teveel contractie, ofwel van slapte en zwakte en er niet meer toe komen om die dingen te kunnen voelen. Voor een Oosterling is dat dus vanzelfsprekend, als iemand almaar kwaad wordt, dan gaat die zeggen… Want zelfs het woord kwaad betekent in het Oosten, last van de lever. Op zijn Japans is last van de lever, gewoon de betekenis van het woord kwaad. Of ook andere begrippen, zoals bijvoorbeeld vrede, voel u in vrede, dat zijn in het Japans twee - ja, die schrijven met karakters - dat karakter is rijst eten. Twee karakters: rijst eten. Rijst en mond. Dat wil dus zeggen, als je rijst eet… Rijst is voor de Oosterlingen natuurlijk het basisgraan, wat wil zeggen: dat is nu een graan dat u goed in evenwicht brengt. En dan onderscheiden zij nog, want ze weten bijvoorbeeld, welk graan welk orgaan gaat beïnvloeden. Rijst is er één voor de longen en de dikke darm. Dus zo leggen zij de connectie. Wat zijn dan de voedingsmiddelen waarmee je die emotionele harmonie en ook de mentale capaciteiten zodanig kunt activeren, dat dat altijd in uw voordeel werkt. Of als het uit de haak is, wat gebruik je dan van voedsel en drank om dat terug in evenwicht te krijgen? Zodat je terug een vredevol persoon wordt. Voor hen is het dus duidelijk, gezien vrede mond en rijst is, moet je rijst eten, om in vrede te geraken.

 

Welja, ik wou net vragen: die koppelingen, dat lijkt een heel logisch verhaal, maar je kan dat dus ook gaan sturen met eten?

 

Ja, dus van zodra je zegt: ik heb almaar last van nervositeit, dat kan bijvoorbeeld samenhangen met de galblaasfunctie. Wat moet ik dan van de meer evenwichtige producten eten? En wat zijn dat? Dat is natuurlijk soep, traditioneel voedsel in alle culturen, en graanproducten, boonproducten, daar halen ze dan de eiwitten uit, en zaden, groenten. En ook zeegroenten, zie je? Dat zijn de meest evenwichtige producten. Wat moet je onder dat ganse gamma dat in de natuur allemaal groeit specifiek gebruiken als je uw galblaas wilt helpen? Of als je uw longen wilt helpen? Of als je uw hart wilt helpen? Voor de Oosterlingen is voeding altijd een manier geweest om zich in evenwicht te brengen. Dus eigenlijk uw gezondheid aan te passen, maar zowel in de lichamelijke aspecten, als in de zintuiglijke aspecten, als in de gevoelsmatige, emotionele aspecten, als in de mentale aspecten. En dus nog verder ook: in gedragsaspecten.

 

Oké Rick, dank je wel voor je komst naar de studio.

 

Dank u wel.

 

En u, beste kijker, bedankt voor het kijken en alweer tot volgende week.

Nieuwsbrief


Ontdek de nieuwsbrief